Stap 6: Herziening
Vergunningverlening
Inhoud pagina: Stap 6: Herziening
Herzien van vergunningen
Vanwege de rechtstreekse werking van REACH kan een situatie ontstaan dat bestaande vergunningvoorschriften niet in lijn zijn met de verplichtingen uit de verordening. Vanuit de Wm artikel 9.3.3 is het verboden te handelen in strijd met bepalingen van REACH. De voorschriften kunnen verder gaan of juist minder ver gaan. Hieronder zijn beide situaties toegelicht.
Situatie 1: Vergunningvoorschriften gaan verder dan REACH
De vergunningvoorschriften blijven geldig en er is geen probleem. Immers, een vergunning mag aanvullende emissiebeperkende eisen bevatten, indien voldoende beargumenteerd. Voldoende argumenten kan zijn het Prioritaire Stoffen beleid van Nederland of eisen uit andere regelgevingen zoals KRW of locale eisen.
Ook mag een vergunning voorschriften bevatten die zich voor de betreffende inrichting direct richten op beperkingen in productie en/of gebruik van stoffen.
Situatie 2: Vergunningvoorschriften gaan minder ver dan REACH
Het deel van de vergunning dat in strijd is met REACH blijft buiten werking. In dat geval gelden de rechtsreeks werkende bepalingen van REACH. De strijdigheid tussen de bepalingen uit de REACH en vergunningvoorschriften komen waarschijnlijk voor bij voorschriften voor stoffen die vallen onder de autorisatieplicht(bijlage XIV) of die op de kandidatenlijst voor autorisatie staan; aan de autorisatie worden ook bepaalde voorwaarden gekoppeld. De voorschriften mogen niet in strijd zijn met deze voorwaarden.
- bij voorschriften voor stoffen die worden toegevoegd aan de lijst met stoffen waaraan restricties verbonden zijn;
- bij beheersmaatregelen die door REACH verder gaan dan de bestaande vergunningvoorschriften. Bij gevaarlijke stoffen staan deze maatregelen in het veiligheidsinformatieblad of het chemische veiligheidsrapport.
Let op: Niet alle verplichtingen die volgens REACH voor een bedrijf gelden, zijn relevant in het kader van de Waterwet. De Watervergunning blijft slechts buiten toepassing, indien voorschriften uit de REACH die relevant zijn voor de lozing en/of de afvalwaterstromen, strenger zijn dan de voorschriften in de vergunning. Met REACH voorschriften wordt bedoeld restrictie- of autorisatievoorschriften maar ook voorschriften vastgesteld in het chemische veiligheidsrapport en opgenomen in de bijlage van het uitgebreide VIB (eSDS) in zover deze voorschriften betrekking hebben op de lozing.
Actie bevoegd gezag
Het bevoegd gezag moet bij het bedrijf aandringen op een aanvraag voor een revisievergunning of ambtshalve de vergunning aanpassen, indien de vergunningvoorschriften in strijd zijn met de REACH-bepalingen. Aanpassen van de vergunning is bijvoorbeeld noodzakelijk wanneer binnen de inrichting stoffen zijn toegestaan waarvan als gevolg van de beperkende maatregelen van REACH het gebruik is verbonden.
Als bij het bevoegd gezag bekend is dat aanpassing van de vergunningvoorschriften noodzakelijk is vanwege REACH, dan is het advies om de vergunninghouder hierover schriftelijk te informeren.
Artikel 2.31 lid 1b van de Wabo of in het geval van een watervergunning, artikel 6.22 van de Waterwet biedt vergunningverleners de mogelijkheid om bestaande voorschriften te wijzigen/in te trekken. Dit kan al dan niet op verzoek van de vergunninghouder plaatsvinden. Voorwaarde hierbij is dat van de bevoegdheid slechts mag worden gebruikt als de wijziging van de voorschriften "in het belang van de bescherming van het milieu" is. Oplossing hiervoor zou kunnen zijn het aanvragen van een revisievergunning. Wanneer ook een verandering van de inrichting of de werking daarvan plaatsvindt, is een wijzigingsvergunning nodig. Als de vergunningsituatie hierdoor onoverzichtelijk wordt, dan kan het bevoegd gezag het bedrijf verzoeken in plaats daarvan een revisievergunning te vragen.
Actie bedrijf
Als alleen verandering van voorschriften voldoende is, dan kan het bedrijf volgens artikel 1:3 lid 3 Awb verzoeken om deze voorschriften aan te passen.
