Harmonisatie beoordelingsmethoden
Stoffen in Bouwproducten
Inhoud pagina: Harmonisatie beoordelingsmethoden
In Nederland en andere lidstaten van de Europese Unie gelden verschillende regelingen waarin eisen worden gesteld aan de aanwezigheid in of emissie van stoffen uit bouwproducten, omdat die stoffen een risico kunnen geven voor hygiëne, gezondheid of milieu. In het kader van de Bouwproductenrichtlijn worden deze stoffen "dangerous substances" genoemd. Veel van deze regelingen zijn onafhankelijk van elkaar opgezet, waardoor voor de beoordeling van deze stoffen veelal verschillende beoordelingsmethoden worden gebruikt en verschillende grenswaarden gelden per lidstaat en per situatie. Een aantal Europese richtlijnen geeft algemeen geldende grenswaarden en toepassingsvoorwaarden voor bepaalde producten en stoffen, die eenduidig door de lidstaten moeten worden geïmplementeerd. Maar andere Europese richtlijnen geven ruimte om per land regels te stellen of geven ruimte om regels en grenswaarden scherper te stellen.
Een aantal nationale en Europese regelingen geeft wel grenswaarden voor bepaalde stoffen, maar geen meetmethoden. Dit betreft dan veelal de bepaling van gehalten van stoffen, waarvoor (diverse) methoden beschikbaar zijn. Deze beoordelingsmethoden kunnen verschillen per regeling, per land en/of per bevoegd gezag.
Voor producenten van bouwproducten en voor gebruikers van bouwproducten is het onpraktisch, kostbaar en handelsbelemmerend om met dit soort verschillen van doen te hebben. Dit speelt steeds meer nu de markt in bouwproducten in toenemende mate een Europese markt wordt en producenten van bouwproducten hun productie van nationaal niveau op Europees niveau brengen door samenbrengen van ondernemingen en toename van export.
Via de Bouwproductenrichtlijn (Construction Products Directive - CPD) (1989/106/EC) streeft de Europese Commissie naar harmonisatie. Vanuit de CPD richt de harmonisatie zich met name op de selectie van meetmethoden en de wijze van verklaring van de niveaus (gehalten of emissie) waaraan de producten voldoen. (De milieuwetgevers van EU en lidstaten mogen zelf blijven bepalen aan welke niveaus moet worden voldaan). Binnen de Europese Unie ligt de verantwoordelijkheid hiervoor bij de Europese Commissie (de Eurocommissaris voor Ondernemingen en Industrie en het Directoraat Generaal Ondernemingen en Industrie (DG-Enterprise).)
| CPD: Construction Products Directive / Bouwproductenrichtlijn (89/106/EEC) Europese wet- en regelgeving m.b.t. bouwproducten, die zich richt op veiligheidsaspecten en milieuaspecten. De CPD beoogt het vrije verkeer van bouwproducten binnen de Europese Unie te bevorderen door het uit de weg ruimen van de technische hindernissen die dit vrije verkeer belemmeren. De voor de bouw bestemde producten moeten kunnen dienen voor de uitvoering van werken die (als geheel en in gedeelten) voor gebruik geschikt zijn en daartoe voldoen aan de 6 fundamentele voorschriften die in de Annex 1 van de richtlijn zijn genoemd: 1. Mechanische stabiliteit Aan deze voorschriften moet bij normaal onderhoud gedurende een economisch relevante levensduur worden voldaan. Bij de voorschriften wordt normaliter uitgegaan van inwerking van voorspelbare invloeden. (Deze richtlijn richt zich dus niet op voorschriften aan de producten in het productiestadium of in het afvalstadium). De richtlijn bouwproducten laat de voorschriften uitwerken in ‘Europese Technische Specificaties', bijvoorbeeld in de vorm van door CEN opgestelde productstandaarden (EN-normen). Het gaat bij de Bouwproductenrichtlijn om het op uniforme wijze testen van producteigenschappen en het op uniforme wijze presenteren van de resultaten. In het algemeen zijn gebruikers en bevoegde gezagen vrij om de vereiste prestatieniveaus (grenswaarden) zelf vast te stellen. De richtlijn zal op termijn gewijzigd worden in de Bouwproductenverordening (Construction Products Regulation - CPR). Daarbij is voorzien dat een zevende criterium wordt toegevoegd aan bovenstaande fundamentele voorschriften, waarbij ook de duurzaamheid van de producten aandacht zal krijgen. |
In opdracht van de Europese Commissie stelt het Europese Normalisatie Instituut (CEN / Comité Européen de Normalisation /European Committee for Standardisation) meetnormen op voor de te beoordelen stoffen en past CEN de meetvoorschriften in de Europese bouwproductnormen voor zover voor die producten een prestatieverklaring in de vorm van een CE-markering nodig is. De Europese Commissie (DG-Enterprise) heeft daartoe een mandaat aan CEN gegeven om in de geharmoniseerde productnormen voor bouwproducten nu ook geharmoniseerde meetmethoden en instructies op te nemen voor het beoordelen van stoffen die bij die bouwproducten gezien de wettelijke voorschriften van belang zijn. Die instructies in de productnormen betreffen onder meer de aanwijzing van te meten stoffen, de presentatie van de meetgegevens, de wijze van kwaliteitstoezicht op de bepaling van die prestatiegegevens en de wijze van verklaring van de niveaus van emissie of gehalten.
In CEN zijn meer dan 60 product TCs die voorschriften ontwikkelen voor bouwproducten. Om tot een geharmoniseerde aanpak te komen is een nieuwe CEN/TC351 "Assessment of dangerous substances in Construction products" opgericht in 2006.
Deze TC selecteert en ontwikkelt meetmethoden die breed toepasbaar zijn ('horizontale meetmethoden'). Voor een aantal veel voorkomende parameters zijn concept meetmethoden nu beschikbaar. Deze methoden zullen de komende jaren aan een validatie worden onderworpen en daarna worden gepubliceerd. Deze TC zal ook bijdragen aan een geharmoniseerde inpassing van de methoden in de productnormen.
De resultaten van de ontwikkeling van geharmoniseerde meetmethoden en inpassing van deze methoden in de meer dan 500 geharmoniseerde EN-productnormen (EN-Standards) worden voorgelegd aan het Standing Committee on Construction (SCC) dat de Europese Commissie (m.n. DG-Enterprise) adviseert m.b.t. de uitvoering van de Bouwproductenrichtlijn.
Voor de voorbereiding en afstemming van de vele werkzaamheden in dit programma heeft DG-Enterprise een Expert Group Dangerous Substances (EGDS) ingesteld.

