Etiketteren

Home > Onderwerpen > EU-GHS > Veelgestelde vragen > Etiketteren

Etiketteren

EU-GHS

Inhoud pagina: Etiketteren


1. Waar vind ik de originele pictogrammen die ik kan gebruiken voor nieuw te maken etiketten?

2. Waar kan ik de nieuwe R- en S-zinnen vinden?

3. Mag ik op het etiket ook zwarte pictogrammen gebruiken of is de rode rand verplicht?

4. Als ik gebruik maak van voorgedrukte diamanten met een rode rand mag ik dan de "extra" diamanten leeg laten?

5. Moet ik tijdens de overgangstermijn dubbel etiketteren (oud en nieuw)?

6. Kan ik zondermeer de oude pictogrammen op het etiket vervangen door de nieuwe pictogrammen?

7. Als ik een stof of mengsel importeer van buiten de Europese Unie, moet ik het etiket dan omlabelen?

8. Welke verplichtingen gelden over de taal op het etiket bij het leveren in Nederland van een product  (bijvoorbeeld een schoonmaakmiddel) afkomstig uit een ander Europees land?

9. Waarom staan in tabel 3.1 van Annex VI geen veiligheidsaanbevelingen (in de vorm van P-zinnen)? 

10. Bestaat er een prioriteitsvolgorde voor de P-zinnen?

11. Welke EU-GHS pictogrammen horen op vaten met infectueus of radioactief materiaal?

12. Onder de Stoffenrichtlijn werd op etiketten de term "stof nog niet volledig getest" of "niet volledig geteste stof" gebruikt. Hoe moet ik daarmee omgaan onder EU-GHS?

13. Wanneer gelden afwijkende etiketteringsvoorschriften en waar staan die in EU-GHS?

14. Moeten voorraden in winkels (op de schappen) op 1 december 2010 opnieuw worden geëtiketteerd volgens EU-GHS?

15. Waar moet u een verzoek indienen voor het gebruik van een alternatieve chemische naam op het etiket of het veiligheidsinformatieblad voor een stof in een mengsel?

16. Hoe kan ik aan het etiket zien dat ik te maken heb met een CMR-stof?

1. Waar vind ik de originele pictogrammen die ik kan gebruiken voor nieuw te maken etiketten?
De officiële pictogrammen staan in de bijlage V van de Europese verordening. Deze bijlage kunt u downloaden op de pagina Wetgeving. De pictogrammen in drukformaat zijn te downloaden van de UN-website.

2. Waar kan ik de nieuwe R- en S-zinnen vinden?
De R- en S-zinnen worden na in werking treden van de  EU-GHS verordening vervangen door H-, EUH- en P-zinnen. Deze nieuwe H, EUH en P zinnen staan in twee bijlagen van de verordening. In annex III staan de H en EUH zinnen. In annex IV kunt u de nieuwe P zinnen terugvinden. De definitieve versie van de van de EU-GHS verordening (november 2008) kunt u downloaden via de volgende pagina op deze website.

3. Mag ik op het etiket ook zwarte pictogrammen gebruiken of is de rode rand verplicht?
Nee, u mag geen alternatieve pictogrammen gebruiken. Het gebruik van de witte diamant met de rode rand met daarin het gevarenpictogram is verplicht. Zie daarvoor artikel 19 en bijlage I van de wettekst.

4. Als ik gebruik maak van voorgedrukte diamanten met een rode rand mag ik dan de "extra" diamanten leeg laten?
Nee, dat mag niet. De gevarenpictogrammen zijn specifiek bedoeld om de informatie over gevaarlijke stoffen en mengsels te communiceren. Op het etiket mag dus alleen informatie staan die in dat kader relevant is (zie daarvoor artikel 17). Extra lege diamanten kunnen twijfel zaaien en mogen dus niet op het etiket staan (zie artikel 25 lid 3). Titel II van de verordening gaat over de voorlichting over de gevaren via het etiket. Zie ook de wettekst voor meer informatie.

5. Moet ik tijdens de overgangstermijn dubbel etiketteren (oud en nieuw)?
Nee, dat mag niet. Volgens artikel 61, lid 2 is het mogelijk om in de overgangsperiode (tot 1 december 2010 voor stoffen en tot 1 juni 2015 voor mengsels) stoffen of mengsels vrijwillig volgens EU-GHS in te delen. Als een bedrijf ervoor kiest om voor genoemde data de indeling, etikettering en het verpakken volgens EU-GHS te doen, dan gelden de etiketterings- en verpakkingsbepalingen van de Stoffenrichtlijn (67/548/EEG) en Preparatenrichtlijn (1999/45/EG) niet meer. Wel moeten in dat geval stoffen en mengsels worden ingedeeld volgens deze richtlijnen. Na 1 december 2010 moeten stoffen worden geëtiketteerd en verpakt volgens de EU-GHS. Voor mengsels is de ingangsdatum na 1 juni 2015. Na 1 juni 2015 vervallen de Stoffen en Preparatenrichtlijn en moet de indeling, het verpakken en etikettering uitsluitend plaatsvinden volgens EU-GHS. Zie ook de overgangsperiode op deze website.

6. Kan ik zondermeer de oude pictogrammen op het etiket vervangen door de nieuwe pictogrammen?
Neen, dit kan niet. Naast de nieuwe eisen aan de etikettering van gevaarlijke stoffen en mengsel, gelden er ook nieuwe criteria om stoffen en mengsels in te delen. Deze criteria staan in bijlage I van de verordening. Als u een fabrikant, importeur of downstreamgebruiker bent, moet u de stoffen of mengsels opnieuw beoordelen. Voor stoffen moet dit uiterlijk op 1 december 2010 gebeuren. Voor mengsels is de deadline 1 juni 2015. Zie ook de overgangsperiode op website.

7. Als ik een stof of mengsel importeer van buiten de Europese Unie, moet ik het etiket dan omlabelen?
Ja, want ondanks VN-GHS zijn de indelings- en labellingsverplichtingen buiten de EU niet (altijd) gelijk aan de verplichtingen binnen de EU. U moet de stof of het mengsel opnieuw beoordelen aan de hand van de indelingscriteria in de Europese verordening EU-GHS. Ook al heeft het betreffende land de VN-GHS regels in eigen wetgeving geïmplementeerd kan het toch zijn dat er verschillen zijn. De individuele landen zijn namelijk niet verplicht om het gehele classificatie systeem van VN-GHS over te nemen.

8. Welke verplichtingen gelden over de taal op het etiket bij het leveren in Nederland van een product (bijvoorbeeld een schoonmaakmiddel) afkomstig uit een ander Europees land?
Voor stoffen en mengsels die op de Nederlandse markt worden gebracht moet de Nederlandse taal op het etiket worden gebruikt. Daarnaast mogen leveranciers de informatie op het etiket ook in andere talen opnemen, mits in alle gebruikte talen dezelfde gegevens worden vermeld. In artikel 17 van de verordening staat waaraan het etiket van een gevaarlijke stof of mengsel moet voldoen. De tekst van EU-GHS kunt u downloaden van de rubriek wetgeving.
Let op! Naast de nieuwe eisen aan de etikettering van gevaarlijke stoffen en mengsels, gelden er ook nieuwe criteria om stoffen en mengsels in te delen. Deze criteria staan in bijlage I van de verordening. Als u een fabrikant of importeur bent, moet u de stoffen of mengsels opnieuw beoordelen. Deze verplichting geldt ook voor sommige downstreamgebruikers (formuleerders en in sommige gevallen voor producenten van voorwerpen). Voor stoffen moet dit uiterlijk op 1 december 2010 gebeuren. Voor mengsels is de deadline 1 juni 2015. Zie ook de overgangsperiode op website.

9. Waarom staan in tabel 3.1 van Annex VI geen veiligheidsaanbevelingen (in de vorm van P-zinnen)?
De P-zinnen zijn niet standaard opgenomen omdat ze worden vastgesteld aan de hand van de criteria uit bijlage IV, deel 1. Ook zijn ze gekoppeld aan de beoogde of geïdentificeerde vormen van gebruik van de stof of het mengsel. Dat is dus maatwerk en bedrijven zijn verplicht de P-zinnen voor stoffen waarvoor een geharmoniseerde indeling bestaat,  zelf af te leiden.
Artikel 22 en 28 geven een toelichting op hoe bedrijven de veiligheidsaanbevelingen kunnen kiezen. Bijlage IV bevat de criteria hiervoor. Bijlage I (deel 2 t/m 5) bevat voor elke gevarenklasse een volledige lijst van mogelijke P-zinnen.

10. Bestaat er een prioriteitsvolgorde voor de P-zinnen?
In artikel 22 en 28 van EU-GHS staat de informatie over hoe bedrijven de keuze van de veiligheidsaanbevelingen moeten maken. De P-zinnen worden vastgesteld aan de hand van het gebruik van de stof of het mengsel. Artikel 28 beschrijft de voorrangsbeginselen voor veiligheidsaanbevelingen.

11. Welke EU-GHS pictogrammen horen op vaten met infectueus of radioactief materiaal?
Geen. Infectueus materiaal en radioactieve stoffen vallen niet onder EU-GHS. De verordening is niet van toepassing op radioactieve stoffen (artikel 1, lid 2 onder a). Infectueus materiaal (specifiek ziekenhuisafval, infectieuze micro-organismen en diagnostische monsters die direct na analyse de bestemming afval krijgen) zijn afvalstoffen en vallen ook niet onder EU-GHS (artikel 1, lid 3). Op deze materialen is andere wetgeving van toepassing zoals de afvalstoffenwetgeving, vervoerswetgeving en de wetgeving over radioactieve stoffen.

12. Onder de Stoffenrichtlijn werd op etiketten de term "stof nog niet volledig getest" of "niet volledig geteste stof" gebruikt. Hoe moet ik daarmee omgaan onder EU-GHS?
Onder EU-GHS is het niet toegestaan om de tekst "stof nog niet volledig getest" of "niet volledig geteste stof" op een etiket te gebruiken .
De verplichting om op het etiket de waarschuwing "niet volledig geteste stof" te vermelden, gold onder de Stoffenrichtlijn (67/548/EEG) tot 1 juni 2008. Deze verplichting was van toepassing op nieuwe stoffen met een kennisgevingplicht. Alleen stoffen met een marktvolume minder dan 1 ton per jaar en voor tussenproducten met een beperkt testpakket vielen onder deze bepaling. De betreffende bepaling in de Stoffenrichtlijn is per 1 juni 2008 vervallen en daarmee ook de verplichting om op etiket te vermelden dat stof niet volledig is getest. Op basis van EU-GHS moeten alle stoffen en mengsels worden ingedeeld en geëtiketteerd. Zie hoofdstuk 12 en 13 van de ‘Richtsnoer over indelen, etiketteren en verpakken' voor de te volgen stappen.

13. Wanneer gelden afwijkende etiketteringsvoorschriften en waar staan die in EU-GHS?
De etiketteringsvoorschriften staan in artikel 17 en bijlage I (sectie 1.2) van de EU-GHS. In bijlage I (sectie 1.2.1.2) staat dat de grootte van elk gevarenpictogram ten minste een vijftiende deel van het oppervlak van het etiket moet zijn. Daarnaast moet het oppervlak van het gevarenpictogram minimaal 1cm2 zijn. In artikel 17 staat welke informatie op het etiket moet staan.

In een aantal gevallen is afwijken van deze eisen toegestaan. Zo geven artikel 23 en bijlage 1 (sectie 1.3) een overzicht van de bijzondere gevallen waarvoor afwijken van de etiketteringvoorschriften is toegestaan. In bijlage 1 (sectie 1.5) van de verordening staan vrijstellingen voor kleine verpakkingen (inhoud kleiner 125 ml) of met een dusdanige vorm dat niet aan de eisen van de standaardvoorschriften voor het aanbrengen van etiketten (artikel 31) kan worden voldaan.

Bij ruimtegebrek op een etiket waarvoor de vrijstellingen niet van toepassing zijn moet een etiket dus groter worden gemaakt om meer tekst kwijt te kunnen.

14. Moeten voorraden in winkels (op de schappen) op 1 december 2010 opnieuw worden geëtiketteerd volgens EU-GHS?
Nee, dat hoeft niet. Vanaf 1 december 2010 moeten stoffen uitsluitend conform de EU-GHS verordening worden geëtiketteerd en verpakt als ze na die datum in de handel worden gebracht. Stoffen met de etikettering conform de Stoffenrichtlijn (Richtlijn 67/548/EEG) die vóór 1 december 2010 in de handel zijn gebracht (op de schappen liggen), moeten per 1 december 2012 opnieuw  worden geëtiketteerd en verpakt volgens de eisen van EU-GHS. Zie artikel 61, lid 4 van de verordening. Zie ook de overgangsperiode voor invoering van EU-GHS.

15. Waar moet u een verzoek indienen voor het gebruik van een alternatieve chemische naam op het etiket of het veiligheidsinformatieblad voor een stof in een mengsel?
Als u uw mengsel vóór of na 1 juni 2015 volgens EU-GHS hebt ingedeeld, geëtiketteerd en verpakt dan moet u uw verzoek indienen bij ECHA. Het indienen van een verzoek is niet kosteloos. Raadpleeg de legesverordening No 440/2010 voor een overzicht van de kosten.

Als u tot 1 juni 2015 uw mengsel nog niet heeft ingedeeld, geëtiketteerd en verpakt conform EU-GHS, dan gelden de bepalingen van het systeem van indeling en etikettering volgens artikel 15 van Richtlijn 1999/45/EG (Preparatenrichtlijn). In dat geval moet u uw verzoek richten aan de nieuwe Voedsel en Waren Autoriteit. Dit verzoek is gratis. Verzoeken die vóór 1 juni 2015 volgens de Preparatenrichtlijn zijn goedgekeurd, blijven ook na 1 juni 2015 onder EU-GHS geldig. In dat geval is het gebruik van de alternatieve chemische naam onder EU-GHS toegestaan.

Zie voor meer informatie ook hoofdstuk 20 van het inleidend richtsnoer voor de CLP-verordening en de website van ECHA. Raadpleeg ook de factsheet van de nieuwe VWA voor informatie over het indienen van een verzoek onder de Preparatenrichtlijn.

16. Hoe kan ik aan het etiket zien dat ik te maken heb met een CMR-stof?
Op het etiket van een CMR-stof moet altijd het pictogram GHS08 (Radient Man) gecombineerd met de H-zin van de bijbehorende gevarenklasse staan. Daarnaast moet het etiket ook het signaalwoord gevaar of waarschuwing vermelden. Welk signaalwoord op het etiket staat is afhankelijk van de gevarencategorie (1A,1B of 2). De gevarencategorieën met bijbehorende H-zin en signaalwoord zijn terug te vinden in Bijlage I, tabel 3.5.3 (mutagene stoffen), tabel 3.6.3 (kankerwerkende stoffen) en tabel 3.7.3 (reprotoxische stoffen).  Als voor een CMR-stof een geharmoniseerde indeling bestaat, moet deze indeling op het etiket staan. Geharmoniseerde indelingen zijn te vinden in Bijlage VI.

 

Hoofdmenu

Zoeken